Wie kan mij vertellen waarom het zo binnenkwam? Ik die stoere vrouw, die een hekel heeft aan huilen. Huilen is zwakheid tonen. Huilen is eigenlijk altijd een vorm van zelfmedelijden. En zelfmedelijden hebben slachtoffers en ik ben geen slachtoffer. Nooit. Wat ik ook meegemaakt heb.

Wie weet waarom ik thuis soms ellenlange discussies voer met mijn echtgenoot, die opgroeide in een traditioneel gezin. Terwijl mij alle vrijheid werd gelaten om te worden wie ik wilde zijn. Ik werd niet tegengehouden, ik hoefde niets meisjesachtigs te doen en toch ga ik tekeer als een viswijf op de markt als ik thuis maar een klein vermoeden krijg van een ongelijke behandeling.

Want ja, ik pak de koffers in van iedereen als we op vakantie gaan. Ik maak het boodschappenlijstje. Ik weet alle tijden van de zwemles, de turnles, de dansles en de pianoles uit mijn hoofd. Ik denk aan de gymspullen  op dinsdag en donderdag en de biebboeken voor school. Ik ben de moeder van drie dochters, terwijl ik juist op dat gebied best onzeker ben.

Binnen drie maanden kroop ik tegen de muren omhoog

Ik deed het hoor: ik nam ontslag na de geboorte van de eerste. Met een man die behoorlijk veel weg was, moest iemand de stabiele factor zijn thuis. Waarschijnlijk waren het de hormonen dat ik zonder enige vorm van realiteitszin koos voor het bestaan van huisvrouw. En binnen drie maanden tegen de muren omhoog kroop van eenzaamheid en ongeluk.

Ik krijg het alleen niet verdiend hè? Of ik nu fulltime werk of niet – ik heb niet de opleiding noch de baan van mijn man. Hij staat ’s ochtends op en vertrekt naar zijn werk, zonder na te hoeven denken of alles thuis geregeld is. Ik rommelde jaren maar wat aan. Schipperde tussen gezin en werk, zat na een baan in het onderwijs twee jaar thuis (zwanger raken en een tijdelijk contract: NIET DOEN).

Dat ik me schuldig voel, is bullshit

En begrijp me niet verkeerd: ik wil niet klagen. Dankzij mijn man kón ik beginnen met Mama Doet, kon ik tijd steken in vrijwilligerswerk, kón ik groeien naar waar ik nu ben. Maar dat het verdorie vijf jaar duurde, voordat ik mét het nodige schuldgevoel aan mezelf toe durfde te geven dat ik liever werk dan thuis ben bij de kinderen, is natuurlijk bullshit. En dat ik me daarover schuldig voel is nog grotere bullshit.

Wie denk ik wel niet dat ik ben?

Dus als mijn echtgenoot een opmerking maakte als: doe jij dat maar, want jij bent daar als vrouw beter in, vloog ik tegen het plafond. Wat dacht hij wel? Terwijl hij het echt goed bedoelt en me alle vrijheid geeft. Want toen ik besloot om op 1 januari dit jaar verder te gaan met Mama Doet als bedrijf, zeiden bepaalde mensen: wie denk je wel niet dat je bent? Hoezo kun jij lesgeven?

Inderdaad, waarom zou ik les kunnen geven als afgestudeerd journalist, afgestudeerd docent geschiedenis, bezitter van een vijftal diploma’s op het gebied van social media. Wie dacht ik inderdaad wel niet dat ik was?

Men had medelijden met mijn man, omdat ik zo veel weg was. Ik wrong me namelijk in allerlei bochten om ’s  middags thuis te zijn voor de kinderen en ’s avonds te werken als ze op bed lagen. Als mijn lieve bloedjes van meiden maar zo weinig mogelijk last zouden hebben van hun moeder met ambities. Wie dacht ik wel niet dat ik was?

Ik werd van mijn sokken geblazen door Vréneli Stadelmaier

Gisteren woonde ik het theatercollege bij van Vréneli Stadelmaier. Ik werd van mijn sokken geblazen. Niet dat ik verbaasd was of overrompeld. Nee, ik wíst alles al wat ze zei. Ik hield me er al jaren mee bezig. Ik had haar boek (F*ck die Onzekerheid) al gelezen.

Maar verdorie, de tranen zaten (en zitten) nog steeds hoog. En ik ben dus geen jankerd. Fuck, denk ik. Fuck, fuck, fuckerdefuck. Het doet ook pijn om belachelijk gemaakt te worden.

Hoe rennen meisjes?

We zijn er nog lang niet, wij vrouwen. We worden minder betaald, minder hoog ingeschat, minder gewaardeerd. Vredeli zei gisteren: een meisje dat voetbalt is stoer. Een jongen die op ballet wil, apart. Het is een meisjessport.

Ook liet ze een filmpje zien. Aan volwassenen werd gevraagd (zowel man als vrouw) om rennende meisjes na te doen. Ze lieten stuk voor stuk loopjes zien die meer leken op huppeltjes, die vergezeld gingen van giecheltjes. Toen kwamen de echte meisjes aan het woord. En zij renden en renden. Toen aan een van die meisjes werd gevraagd wat het betekende om te rennen als een meisje, zei ze: it means, you run as fast as you can.

Met drie dochters, kwam het wel even binnen

En dat was het moment waarop de tranen in mijn ogen schoten. Ik heb drie dochters. Dochters die evenveel waard zijn als zonen. Waarvan ik hoop dat ze later voor hun keuzes op durven komen, dat ze mogen zijn wie ze zijn, dat ze zich nooit belemmerd zullen voelen door hun vrouwelijkheid. En dat ze zich nooit schuldig voelen omdat ze hun dromen waar willen maken.

Dus f*ck die onzekerheid, zeg ik tegen mezelf. Blijf doen wat je graag doet. Recht je rug. En zet je in voor al die vrouwen die het ook willen, maar niet durven of kunnen. Dus daarom zeg ik tegen jou – en net zo goed tegen mezelf – dat je fantastisch bent.

Jij bent de kracht waaruit anderen putten

Je bent een vrouw en misschien wel een moeder en ik bewonder je mateloos. Om wie je bent, om wat je doet, om de dromen die je durft te hebben. Je bent de onmisbare schakel tussen al het leven op aarde. Je bent de bron van liefde voor jouw kinderen en partner. Je bent de kracht waaruit anderen putten.

Twijfel niet meer aan jezelf. Probeer in ieder geval wat meer vertrouwen te hebben. En voelt het eens wat minder, zeg het dan eens tegen een andere vrouw. Ik weet zeker dat zij je zal steunen. Samen staan we sterker.

Veel liefs Sophie